Info over Freinet

Download hier de wegbeschrijving naar De Regenboog.

 

Hoe lang bestaat de Regenboog?

De Regenboog is een Freinetschool sinds 1997. Een enthousiaste groep leerkrachten bouwt met overtuiging en vertrouwen samen met de ouders aan een degelijke kwaliteitsvolle school.

 

Wat zijn de belangrijkste waarden in de Regenboog?

Wij streven ernaar om de ervaringen en belevingen van de kinderen zoveel mogelijk het vertrekpunt te laten zijn van ons onderwijs.

Wij vinden dat leren moet plaatsvinden in een voor hen zo zinvol mogelijke context.

Voor ons staat de opvoeding op school niet los van de samenleving: opvoeding vindt plaats door democratisch en coöperatief overleg.

Leren = zoeken en ontdekken

Leren = op een actieve manier vaststellingen doen

Leren = een natuurlijk proces: Imiteren - Zoekend uitproberen – Gewoontevorming - Al doende leren - Reflecteren op wat gedaan, gerealiseerd werd - Abstraheren door contexten te vergelijken - Technisch inoefenen om tot automatisatie te komen

Dit zijn allemaal vormen van leren die in het dagelijks leven van een mens belangrijk zijn. De leerkracht speelt doelbewust in op deze vormen van leren. Om dit alles te verwezenlijken, moet er in een klas een basisvertrouwen aanwezig zijn. Je moet je als kind veilig voelen binnen de groep. Enkel als een kind de aanwezigheid voelt van dit vertrouwen kan het echt komen met gevoeligheden, expressie, … en kan het ook komen met alles waar het zich mee bezig houdt.

 

Wat is de visie van de Regenboog?

De Regenboog wil een school zijn waar kinderen zich thuis voelen. Dit realiseren we door kinderen op een respectvolle manier met elkaar te leren omgaan. Dit omgaan is gebaseerd op dialoog, overleg en inleving.

Als leerkracht begeleiden en sturen we groei- en ontwikkelingsprocessen van kinderen. De leerkracht staat open voor de capaciteiten en eigenheid van elke leerling, houdt rekening met hun leefwereld en gaat met hen op zoek naar antwoorden op hun vragen. We willen kinderen begeleiden in het verwerven van de nodige kennis, vaardigheden en houdingen die hen in staat stellen om in de samenleving een plaats te verwerven en uit te groeien tot zelfbewuste, kritisch ingestelde mensen. Binnen De Regenboog trachten we dit doel te realiseren, vertrekkende vanuit onze praktijkervaringen en vanuit een Freinetachtergrond.

Onze school is een plaats waar kinderen zich kunnen ontwikkelen en groeien op hun eigen tempo en volgens hun eigen mogelijkheden. We willen een leeromgeving creëren die er zoveel mogelijk in slaagt kinderen te boeien en nieuwsgierig te maken.

Onze school wil een weerspiegeling zijn van de maatschappelijke en sociale realiteit. Onze samenleving is multicultureel. We wensen dat kinderen uit verschillende bevolkingslagen en culturen samen leven en leren. Dit houdt in dat we het maatschappelijk gebeuren in onze werking moeten betrekken. Op deze manier leveren we een bijdrage aan de democratisering van onze maatschappij.

We blijven als leerkrachten onze eigen werking in vraag stellen en zoeken naar een optimale begeleiding van kinderen. Dit veronderstelt een vertrouwensvolle communicatie, een op de hoogte blijven van onderwijsontwikkelingen, een verdere professionalisering en het steeds verder uitdiepen van de Freinettechnieken.

We trachten ouders te betrekken bij onze klas- en schoolwerking. Ze worden uitgenodigd om te participeren in werkgroepen en bij klasactiviteiten.

Onze school moet een plaats zijn waar zowel kinderen als ouders graag komen, waar ze zich naar waarde geschat voelen en au sérieux genomen worden.

 

Welke Freinettechnieken worden er op de Regenboog gebruikt?

- De praatronde: de dag start met de praatronde. Deze ligt aan de basis van het latere werk en onderzoek uitgewerkt in projecten, vrije teksten, ateliers, …

- Vrije tekst – tekstbespreking: de kern van ons taalonderwijs: kinderen ontdekken de kracht van het geschreven woord en het plezier van schrijven. Ze schrijven om gelezen en voorgelezen te worden en dat motiveert. De teksten die gemaakt worden, worden gebruikt voor spelling, taalbeschouwing, kranten, voorleesmomenten enz…

- Verschillende klassen maken een klaskrant (op papier en / of op de website) en hebben een correspondentie. Dit zijn vormen van natuurlijk en functioneel leren en daar bouwen de leerkrachten hun (taal-) onderwijs rond op.

- De klasraad: dit is een wekelijk groepsmoment waar sociale, organisatorische en inhoudelijke zaken besproken worden. Enkele voorbeelden die hier besproken worden: conflicten, verantwoordelijkheden, taken, voorstellen, de waardering voor elkaar of elkaars werk. Iedereen wordt au sérieux genomen en is gelijkwaardig. Er wordt gezorgd dat de gemaakte afspraken daadwerkelijk worden nageleefd. Elke maand is er een schoolraad waar uit elke klas twee afgevaardigden de punten uit hun klas komen bespreken. Onderwerpen die hier aan bod komen: spelregels op de speelplaats, voorstellen voor ateliers, thema schoolfeest, voetbaltornooi organiseren enz…

- Ateliers: dit zijn expressie activiteiten van uiteenlopende aard: sport, spel, schilderen, koken, timmeren, dans, kleien, tekenen, zang, knutselen … Voorstellen hiervoor komen zowel van de ouders, van de leerkrachten als van de kinderen.

Naast klasateliers hebben we ook schoolateliers waar er klasdoorbrekend gewerkt wordt. Zo leren kinderen van verschillende leeftijden elkaar kennen, helpen en aanvaarden binnen ieders mogelijkheden. De inbreng van vrijwillige ouders is hierbij onmisbaar, dit vergroot immers de keuzemogelijkheid voor de kinderen en de verscheidenheid in aanbod van activiteiten.

- Projecten, werkstukken en onderzoek: de onderwerpkeuze uit praatrondes, vrije teksten, correspondentie, … , de brainstorm, wie doet wat? , werken in groep of individueel, informatie verzamelen, overleggen, ‘specialisten’ uitnodigen, een uitstap organiseren, het onderzoeksresultaat voorstellen aan klasgenoten / ouders / andere klassen, een tentoonstelling of een krant maken, samen evalueren…

- Het natuurlijk lezen: dit lezen gaat op dezelfde manier als het leren spreken! De zinnen van de kinderen zijn het uitgangspunt voor het leren lezen en schrijven. Het functioneel gebruik van lezen en schrijven staat voorop als een instrument om te communiceren.

Verdere informatie en nog andere gebruikte technieken vind je op de website van de Freinetbeweging Vlaanderen: www.freinetbewegingvlaanderen.be waar je onder andere het leven ven Célestin Freinet terugvindt en de 31 invarianten van Freinet .

 

Heeft een Freinetschool ook eindtermen zoals het klassiek onderwijs?

Ja, wij hebben dezelfde eindtermen en ontwikkelingsdoelen als alle scholen in Vlaanderen. De eindtermen zijn alles wat een kind op het einde van de lagere school moet kennen. Ontwikkelingsdoelen zijn de doelen in die in het kleuteronderwijs nagestreefd moeten worden.

Op onze school zoeken leerkrachten naar aanknopingspunten bij de ervaringen van kinderen om de eindtermen en ontwikkelingsdoelen telkens te koppelen aan de ervaringen van kinderen (individuele ervaringen die ze meebrengen in de praatronde of groepservaringen van belevenissen in het werk met de hele klas). Daarnaast zijn er (zeker in de hogere klassen) ook af en toe extra ‘lessen’.

Hoe verloopt de overgang naar het middelbaar onderwijs? Kunnen kinderen aansluiten in een ‘gewone’ middelbare school? (met getuigenissen van ouders)

Wij willen onze leerlingen alles leren wat ze in een ‘gewone’ school leren maar liefst nog ietsje meer. Elk jaar vullen de schoolverlaters na enkele maanden middelbaar een vragenlijst in en deze feedback helpt ons om ons onderwijs optimaal aan te passen aan de verwachtingen van het eerste middelbaar in de Leuvense scholen.

Onze afgestudeerde kinderen verspreiden zich over alle scholen in de regio en doen het globaal goed tot zeer goed. Sommigen kiezen voor methode-onderwijs in De Ring of EMC², anderen kiezen voor traditionele college.

Een getuigenis van Veerle, mama van Hanna (afgestudeerd in juni 2009):

“Na de rondgang langs alle middelbare scholen in Leuven en omgeving, koos Hanna onverwacht voor een school waar we voorheen helemaal niet aan hadden gedacht: het Heilige Drievuldigheidscollege, een traditionele, katholieke school. We gingen ervan uit dat ze een maand of twee nodig zou hebben om te wennen aan het andere systeem: dagelijks huiswerk maken en leerstof instuderen, voortdurend onaangekondigde toetsen, 14-daagse rapporten met cijfers en klasgemiddelden, stilzitten in de klas. We hielden er ook rekening mee dat ze, als enig kind uit een Freinetschool in haar klas, misschien niet helemaal dezelfde bagage zou hebben voor wiskunde, Nederlands en Frans als de andere kinderen.

Al deze bekommernissen bleken overbodig. Hanna bleek juist erg goed voorbereid te zijn. Op de schriftelijke en mondelinge instaptoets Frans die de eerste week werd afgenomen, had ze een hoog cijfer, wat enkel te danken kan zijn aan de lessen Frans in de Regenboog want elders is ze nooit met Frans in aanraking geweest. Voor wiskunde en Nederlands kan ze zonder problemen volgen. Dagelijks huiswerk maken en leerstof herhalen, pakt ze zelfstanding aan en ervaart ze helemaal niet als een last. Het feit dat ze in de Regenboog niet ‘huiswerkmoe’ is kunnen worden, draagt hier volgens mij zeker toe bij.

Voor het verwerken en memoriseren van de leerstof maakt Hanna spontaan mindmaps, een techniek die ze in de 3e graad op de Regenboog goed heeft leren beheersen en die nu erg nuttig blijkt, niet alleen voor het studeren maar ook om mondelinge presentaties voor te bereiden. Op het eerste oudercontact bleek dat verschillende klasgenoten moeite hadden met het zelfstandig invullen van de agenda en met het plannen van taken en toetsen, maar Hanna heeft hiermee geen probleem. De manier waarop in de Regenboog in de 3e graad werd aangeleerd om een weekplanning te maken en die zelfstandig in de agenda te noteren, helpt haar zeker.

Hanna is gelukkig in HDC. Zij heeft intuïtief een school gekozen die goed bij haar past. Natuurlijk zijn er enkele zaken die ze vreemd vindt. Dat de leerlingen altijd op hun stoel moeten blijven zitten, zelfs in de tekenles, vindt ze raar en overbodig. De eerste dagen viel haar ook meteen op dat de gedragsregels door de leerkrachten worden opgelegd en niet mee door de leerlingen worden onderhandeld. Wanneer er spanningen zijn tussen klasgenoten of tussen de klas als groep en een leerkracht, wordt er geen ruimte gemaakt voor bemiddeling. Met het diploma van ‘bemiddelaar’ dat ze in de Regenboog verwierf, kan ze in HDC dus niet meteen terecht. Maar ik ben blij dat ze in de Regenboog heeft kunnen ervaren dat samenleven even belangrijk is als leren.“

Uit een mailtje van Dirk, papa van Flore (afgestudeerd in juni 2009):

“Graag geef ik je wat nieuws van Flore na haar eerste weken in ’t middelbaar. Misschien heb je er wat aan in het kader van de Regenboog leerdoelen. Ze heeft met veel enthousiasme en zelfstandige werklust de eerste stappen gezet en haar niveau blijkt prima op alle vlakken.

Op haar eerste rapport (vooral herhaling uit het lager) haalde ze hoge punten. Ze werkt heel zelfstandig en geeft blijk van gezonde ambitie.

Wat ons tot nu het meest pleziert is Flore haar zelfstandige, creatieve en gemotiveerde manier van nauwgezet en gestructureerd werken die ze dit jaar ten toon spreidt. Ook het feit dat Flore op haar huidige school de feedback krijgt 'dat ze een aangename leerling is om mee te werken' vinden we minstens even belangrijk als de goede scores.

Dank nog voor de twee jaren op de Regenboog. De Freinet methode heeft haar ook duidelijk een boost gegeven qua zelfstandig werken, creatief denken en in team werken.”

 

Wat denken de kinderen over De Regenboog?

De eerste schooldag was ik bang van die heel grote kinderen. Maar dat veranderde. Ik voelde me thuis op school. Ik maakte vrienden. Er waren jaren die ik nooit zal vergeten in de Regenboog. De leukste jaren waren het vijfde en zesde leerjaar. Ik werd met Wouter en Emile bevriend. Maar nu moet ik weg. Dat vind ik niet zo leuk. Ik wil dat tegenhouden maar dat kan niet, je moet wel weggaan.

Steve

Ik zat eerst op een andere school maar na het vierde leerjaar ben ik naar de Regenboog gekomen. Het was hier wel anders. Toen ik hier net op school zat moest ik ineens een vrije tekst schrijven. Ik had nog nooit een gedicht of een verhaal geschreven! Ik had er dan ook nog nooit aan gedacht om zoiets te schrijven. Maar ik mocht het gewoon proberen. Ik had helemaal geen inspiratie en gebruikte dan de inspiratiedoos. En toen had ik mijn eerste gedicht geschreven!

Flore

Mijn leukste kamp was bij Wout in het derde leerjaar. Ik weet niet meer hoe het daar heette maar er was een beekje bij. We waren ook gaan kajakken, ik zat met Berthe in een bootje. Het was heel leuk! Het kamp van in het vijfde leerjaar was ook leuk. Dat was in Ieper. We sliepen met drie in een zespersoonskamer! Het kamp van dit jaar was ook heel leuk, om nooit te vergeten. Nu heb ik ook Emma als beste vriendin en de andere kinderen van het vijfde zijn ook heel leuk. Het was heel leuk om hier te zijn!

Jolien

In het vijfde is mijn beste vriendin gestorven in een auto-ongeluk samen met twee andere vriendinnen. Ik vond het wel leuk dat er veel vriendinnen van de Regenboog mij steunden. Verder in het jaar heb ik nog veel plezier beleefd met vriendinnen, en ik hoop dat het in het middelbaar ook zo leuk zal worden als in het zesde leerjaar!

Marie

 

Door het Freinetonderwijs leer je:

- initiatief nemen en zelf plannen (Fenna)

- evenveel als op een andere school maar op een andere manier (Mathias)

- samenwerken door onderzoeken te doen samen met andere kinderen (Elias)

- jezelf zijn (Kato)

- ideeën te hebben en uit te werken (Hannah)

- je huiswerk en werk in de klas goed plannen (David)

- veel meer zelfstandig te werken (Valia)

- verhalen schrijven want dat had ik op mijn vorige school nooit gedaan en nu weet ik dat ik dat kan (Emile)

- goed met elkaar omgaan en niemand uitsluiten (Jamina)

- als de leerkracht even weg is gewoon doorwerken (Kato)

- afspraken maken: wie neemt er iets mee, wie doet dit of dat, … (Theti)

- niet alleen wat in de schoolboeken staat. Je wordt opengesteld voor de wereld (Theti)

- niet bang te zijn om je eigen mening te zeggen (Eva)

- creatief zijn in atelier vb weven, werkstukken waar je je eigen talenten kunt tonen (Marnick)

- héél veel (Rik)

- klaar te zijn voor het middelbaar (Arnout)

- keuzes maken die je normaal niet zou nemen: eens iets helemaal anders proberen. Ja, in de Regenboog heb ik leren proberen! (Bibi)

(uit een bevraging bij de zesdeklassers van juni 2010)